subsidiespecialist

Doel van de MIT

De MKB-innovatiestimulering Regio en Topsectoren (MIT) stimuleert innovatie bij het midden- en kleinbedrijf (MKB). In Nederland zijn diverse topsectoren benoemd waarin bedrijfsleven, kennisinstellingen en de overheid samenwerken aan innovatie. Deze samenwerking moet leiden tot een versnelling van innovaties. Een belangrijke rol hierin is weggelegd voor MKB-ondernemingen. Bent u als MKB-ondernemer actief op het gebied van innovatie? Dan kunt u wellicht gebruik maken van een van de instrumenten van de MIT.

Onderdelen MIT

De MIT bestaat uit een aantal stimuleringsinstrumenten:

  • MIT kennisvouchers. Kennisvouchers kunnen worden ingezet voor het laten beantwoorden van een kennisvraag door een kennisinstelling. De kennisvraag moet betrekking hebben op de vernieuwing van producten, productieprocessen of diensten.
  • MIT haalbaarheidsstudies. Een haalbaarheidsstudie brengt de technische en economische risico’s in kaart van een eigen voorgenomen innovatieproject met als doel een gedegen afweging te maken over de slaagkans van het daadwerkelijke innovatieproject. Bij een haalbaarheidsstudie moet gedacht worden aan literatuuronderzoek, octrooionderzoek, inventarisatie van beschikbare technologie en potentiële partners, marktverkenning en concurrentieanalyse.
  • MIT R&D samenwerkingsproject. Dit onderdeel is bedoeld voor samenwerkingsverbanden bestaande uit minimaal twee niet-verbonden MKB-ondernemingen. Hierbij kan subsidie verkregen worden voor industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling dat bijdraagt aan de vernieuwing van producten, processen of diensten, of leidt tot wezenlijk nieuwe toepassingen van bestaande producten, processen of diensten.

Topsectoren

De volgende topsectoren zijn door de overheid benoemd:

  • Agri & food;
  • Chemie;
  • Creatieve Industrie;
  • Energie;
  • High Tech Systemen & Materialen;
  • Life Sciences & Health;
  • Logistiek;
  • Tuinbouw & Uitgangsmaterialen;
  • Water & Maritiem.

Per topsector zijn er specifieke thema’s benoemd waar de topsector op wil excelleren en innoveren. Een project moet binnen de specifiek benoemde thema's van de betreffende topsector passen om voor subsidie in aanmerking te komen. Voor haalbaarheidsstudies geldt dat er aansluiting moet zijn bij minimaal één topsector. Voor R&D samenwerkingsprojecten geldt dat er aansluiting moet zijn bij minimaal twee topsectoren. De thema’s worden jaarlijks vastgesteld door de betreffende topsectoren. 

Samenwerking provincies en nationale overheid

Binnen de MIT-regeling werken de provincies en de nationale overheid samen en stellen zij gezamenlijk subsidie beschikbaar. Voor de MIT-regeling gelden 5 regio’s:

  • regio Noord: Groningen, Friesland en Drenthe;
  • regio Noordvleugel: Flevoland, Noord-Holland en Utrecht;
  • regio Oost: Gelderland en Overijssel;
  • regio Zuid: Limburg, Noord-Brabant en Zeeland;
  • regio Zuidvleugel: Zuid-Holland.

Ondanks dat de MIT-regeling een landelijke regeling is wordt de uitvoering geregeld door de verschillende regio's. Het budget verschilt per regio. Het budget bestaat voor de helft uit een bijdrage van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat en voor de andere helft uit een bijdrage van de betreffende regio.

Aanvragen dienen ingediend te worden in de regio waar het project uitgevoerd gaat worden. In het geval van een R&D samenwerkingsproject met partners uit verschillende regio’s doet u de aanvraag in de regio waar de penvoerder gevestigd is. Hierbij is wel vereist dat ook minimaal 50% van de totale projectkosten gemaakt worden in de regio waarin u uw aanvraag gaat doen. Iedere regio heeft een eigen programma met topsectoren waarop de desbetreffende regio wil excelleren. Dit betekent dat uw project mogelijk niet aansluit bij de topsectoren van uw regio. Bij welke instantie u uw aanvraag indient is dus onder andere afhankelijk van de locatie van de aanvrager of penvoerder en het topsectorenbeleid van de regio. In het geval dat het thema van uw project niet aansluit bij het topsectorenbeleid van de regio waarin u dient aan te vragen kunt u terecht bij het landelijke loket. Indien u er niet zeker van bent in welke regio dat u moet aanvragen kunt u gebruik maken van de MIT-loketwijzer van RVO.

Subsidiepercentages en hoogte van de subsidie binnen de MIT

De subsidiepercentages en het maximale subsidiebedrag per instrument bedragen:

  • MIT kennisvouchers: 50% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 3.750;
  • MIT haalbaarheidsstudies: 40% van de subsidiabele kosten tot een maximum van € 20.000. De haalbaarheidsstudie dient voor ten minste 60% te bestaan uit een haalbaarheidsstudie en voor ten hoogste 40% uit industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling;
  • MIT R&D samenwerkingsprojecten: voor R&D samenwerkingsprojecten zijn er twee categorieën. Voor beide categorieën geldt dat het subsidiepercentage 35% van de subsidiabele kosten bedraagt. Binnen het samenwerkingsverband dient er een evenwichtige verdeling te zijn tussen de partners. Een deelnemer mag niet meer dan 70% van de kosten voor zijn rekening nemen.
    • kleine R&D samenwerkingsprojecten: De subsidie is minimaal € 50.000 en maximaal € 200.000 per project, waarvan minimaal € 25.000 en maximaal € 100.000 per deelnemer;
    • grote R&D samenwerkingsprojecten: De subsidie is minimaal € 200.000 en maximaal € 350.000 per project, waarvan minimaal € 25.000 en maximaal € 175.000 per deelnemer.

Het beschikbare budget verschilt per instrument en per regio. De budgetten voor 2021 zijn nog niet bekend gemaakt.

Een MIT-instrument aanvragen

Voor zowel de kennisvouchers als de haalbaarheidsstudies geldt het principe “first come, first serve”. Dit wil zeggen dat de subsidieaanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst. Voor de haalbaarheidsstudies geldt dat het budget ieder jaar meermaals overtekend wordt. Dit betekent in de praktijk dat alle aanvragen die op de eerste dag worden ingediend moeten loten, om zo de volgorde van behandeling vast te stellen.

Voor de R&D samenwerkingsprojecten geldt een tenderprincipe. Dit wil zeggen dat alle aanvragen die voor de deadline worden ingediend inhoudelijk zullen worden behandeld en vervolgens een score krijgen. Uiteindelijk worden de projecten gerangschikt op basis van de toegekende score. Subsidie wordt verstrekt aan de hoogst scorende projecten totdat het budget is uitgeput. Ook voor de R&D samenwerkingsprojecten geldt dat het budget ieder jaar zwaar overtekend wordt.

Per kalenderjaar kunnen er in verschillende perioden aanvragen worden ingediend voor de verschillende instrumenten van de MIT-regeling. MIT haalbaarheidsstudies kunnen medio april 2021 ingediend worden (de exacte datum zal begin maart gepubliceerd worden). Het is hierbij dus van belang dat uw project op de eerste dag wordt ingediend in verband met uitputting van het budget. Voor de overige instrumenten zijn nog geen data bekend gemaakt.

Uitvoering van uw MIT-project

De uitvoering van uw MIT-project verschilt per instrument.

  • MIT kennisvouchers. Indien uw aanvraag voor een kennisvoucher wordt goedgekeurd dient u binnen 4 maanden na ontvangst van uw kennisvoucher een ondertekende opdracht of offerte van de kennisinstelling in. Deze wordt dan beoordeelt en u ontvang hierop een reactie. Is uw kennisoverdrachtproject afgerond, dan draagt u uw kennisvoucher over aan de kennisinstelling. Zodra u de kennisvoucher hebt overgedragen, kan de kennisinstelling deze verzilveren.
  • MIT haalbaarheidsstudies. Indien uw aanvraag voor een haalbaarheidsstudie wordt goedgekeurd ontvangt u 100% van de subsidie als voorschot. Na afloop van het project hoeft er geen aanvraag tot vaststelling te worden ingediend. Afhankelijk van de provincie waarin u heeft aangevraagd dient u wel een eindrapport van uw project te verstrekken. Daarnaast zal steekproefsgewijs worden gevraagd aan te tonen dat de activiteiten zijn uitgevoerd. Hiervoor wordt geadviseerd alle documenten waarmee u kunt aantonen dat de activiteiten zijn gerealiseerd tot minimaal 5 jaar na dagtekening van de beschikking te bewaren. De looptijd van uw project bedraagt maximaal 12 maanden.
  • MIT R&D samenwerkingsprojecten. Indien uw aanvraag voor een R&D samenwerkingsproject wordt goedgekeurd ontvangt u een percentage van de subsidie als voorschot. Het voorschot bedraagt maximaal 75% van de totale subsidie en zal in termijnen betaalt worden. De hoogte van deze voorschotten en het tijdstip van betaling zal in uw beschikking worden bepaald. Indien uw project langer dan 12 maanden loopt dient u een jaarlijks tussentijds voortgangsverslag in te dienen. Gedurende het project dient u een projectadministratie bij te houden. Na afloop van het project dient u een vaststelling in, waarna u het restant van uw subsidie krijgt uitbetaald. In uw beschikking staat welke gegevens u dient aan te leveren om aan te tonen dat u de activiteiten daadwerkelijk heeft uitgevoerd. De looptijd van uw project bedraagt maximaal 24 maanden.

Vragen of aanvragen?

Denkt u in aanmerking te komen voor deze subsidieregeling? Wij helpen u graag op weg. Twijfelt u of heeft u vragen? Wij beantwoorden ze graag! Neem vrijblijvend contact met ons op.

Bel 040 - 250 45 67, mail [javascript protected email address] of maak gebruik van onderstaand formulier.